1

Mensen met een beperking blijven achter in de arbeidsparticipatie

Mensen met beperking zijn in de crisis harder getroffen, dan mensen zonder beperking. Zij blijven achter in de arbeidsparticipatie. Dit blijkt uit de arbeidsparticipatiemonitor van het UWV en een aantal andere rapporten. Deze zijn recent verschenen en geven inzicht in hoe het mensen met een beperking vergaan is op de arbeidsmarkt tijdens corona. Om te zorgen dat de ongelijkheid op werk niet nog groter wordt, ziet Ieder(in), netwerk voor chronisch zieken en mensen met een beperking, een aantal concrete taken voor de overheid.

Het UWV monitort de arbeidsparticipatie van mensen met een arbeidsbeperking. En rapporteert jaarlijks hoe vaak mensen met een beperking aan het werk zijn, komen en blijven. Het achter blijven op de participatie heeft meerdere redenen: het betreft veelal mensen met tijdelijke contracten die zijn stopgezet en daarnaast werken mensen met een beperking vaker in sectoren die hard zijn getroffen. Ook is het voor veel mensen met een beperking die de arbeidsmarkt betreden moeilijk om een baan te vinden.

Gemeenten en het UWV kregen tijdens de coronacrisis nieuwe taken, namelijk het uitvoeren van de economische steunmaatregelen. Ook waren er meer verzoeken om reguliere ondersteuning, als gevolg van de stijgende werkloosheid, schulden en armoedeproblematiek. Inspectie SZW onderzocht de gevolgen hiervan en ziet vooral risico’s voor de hulp die wordt geboden aan diegenen met een grotere ondersteuningsbehoefte.

(Bron en volledig artikel: de Zorgkrant)




Kamerbrief: Laat niemand achter bij heropenen samenleving

Afbeelding van David Cray via Pixabay

De versoepelingen zijn mooi, maar houd oog voor de groepen met een kwetsbare gezondheid, zoals mensen met een beperking of chronische ziekte. Voorkom dat deze groepen achterop raken terwijl de samenleving weer open gaat. Ieder(in), netwerk voor chrinisch ziekeb en mensen met een beperking, doet deze oproep aan de Tweede Kamerleden en het kabinet.

Vanaf 26 juni gaat de samenleving snelle versoepelingen tegemoet, waarbij de anderhalve meter afstand de belangrijkste norm blijft. Voor de meeste mensen is de heropening van de samenleving een opluchting en een belangrijke stap naar normalisering.

Er zijn echter ook gezinnen met mensen met een kwetsbare gezondheid die nog niet gevaccineerd zijn of niet gevaccineerd kunnen worden. Zij zien zich ook nu geconfronteerd met veel onzekerheid over hun veiligheid, onder meer vanwege de delta-variant van het virus. Velen zullen nog voorzichtiger worden. Er is het reële risico dat zij zich uit angst voor besmetting verder terugtrekken van deelname aan de samenleving.

Ieder(in) vraagt de Kamerleden en het kabinet scherp oog te blijven houden voor mensen met een kwetsbare gezondheid, onder wie veel mensen met een beperking of chronische aandoening. Juist tegen de achtergrond van de versnelde versoepelingen moeten we alert zijn op wat zij nodig hebben om zo veel als mogelijk het gewone leven op te pakken en op gelijke voet deel te kunnen nemen aan de heropende samenleving.

(Bron en volledig persbericht: Ieder(in))

 




Deelname aan de samenleving voor mensen met een beperking de afgelopen vier jaar weinig verbeterd

Mensen met een beperking doen minder naar wens en vermogen mee in de samenleving dan mensen uit de algemene bevolking. Sinds 2016 is dit weinig verbeterd. Wanneer mensen aangeven het zelf belangrijk te vinden om te participeren op specifieke deelgebieden in de samenleving, is het verschil in participatie tussen mensen met een beperking en de algemene bevolking kleiner.

Foto door Marcus Aurelius via Pexels

Dit blijkt uit onderzoek van het Nivel in samenwerking met het Trimbos-instituut en de Patiëntenfederatie Nederland. Op 20 november 2020 heeft minister Van Ark de Tweede Kamer geïnformeerd met een brief over de voortgang van het programma ‘Onbeperkt meedoen!’, waar het Nivel-onderzoek deel van uitmaakt.

Tussen 2016 en 2019 is de deelname aan de samenleving onderzocht op negen deelgebieden, zoals dagelijks buitenshuis komen en het ontmoeten van vrienden. Op de helft van deze gebieden bleef de participatie van mensen met een beperking en de algemene bevolking stabiel. Op een aantal punten is het verschil met de algemene bevolking echter toegenomen. Dit zien we bijvoorbeeld bij het gebruik van buurtvoorzieningen door mensen met een lichamelijke beperking en het hebben van (on)betaald werk door mensen met een verstandelijke beperking of psychische aandoening. Daarentegen is de deelname aan verenigingsactiviteiten en/of cursussen verbeterd voor mensen met een psychische aandoening ten opzichte van de algemene bevolking.

Meer participatie wanneer mensen het belangrijk vinden
Wanneer mensen met een beperking het belangrijk vinden om te participeren op specifieke deelgebieden, doen zij ook daadwerkelijk meer mee. We zagen dat het verschil met de algemene bevolking kleiner was wanneer mensen met een beperking aangaven het belangrijk te vinden om mee te doen op het betreffende deelgebied. Dit zien we bijvoorbeeld bij het gebruik van openbaar vervoer in 2019: van de mensen die het openbaar vervoer belangrijk vinden maakte tachtig procent van degenen met een lichamelijke beperking en drieëntachtig procent van degenen uit de algemene bevolking hier daadwerkelijk gebruik van. In de totale groep mensen met een lichamelijke beperking was dit zestig procent en in de algemene bevolking zeventig procent.

Wens om meer mee te kunnen doen
De helft van de ondervraagde mensen met een lichamelijke beperking gaf in 2019 aan dat zij goede mogelijkheden hebben om te leven zoals zij dat willen. Dit is een afname sinds 2016, toen dit twee derde was. In de algemene bevolking was dit hoger en stabiel rond de tachtig procent. Er is dus ruimte voor verbetering om de participatie van mensen met een beperking aan te laten sluiten bij hun behoeften.

(Bron en volledig artikel Nivel)




‘Overheden lappen regels voor toegankelijke websites aan hun laars’

Vanaf vandaag moeten overheidssites zich aantoonbaar inspannen om toegankelijk te zijn voor mensen met een beperking, zoals blinden, slechtzienden en mensen die kleurenblind zijn. Overheden lappen die regels echter op grote schaal aan hun laars, blijkt uit onderzoek van twee experts op het gebied van digitale toegankelijkheid.

Van de 2000 overheidswebsites waarvan in kaart is gebracht of ze zich aan de wettelijke eisen voor toegankelijkheid houden, voldeden er maar 70 helemaal.

“Vaak betekent dat ook dat een site niet zo goed in elkaar zit, als hij niet toegankelijk is”, zegt een van de onderzoekers, Ron Beenen. “Maar mensen met een beperking hebben daar dan eerder last van.”

Van zeker 5000 andere websites hebben de bewuste overheden niet eens in kaart gebracht of ze toegankelijk zijn. Juist dat is vanaf vandaag verplicht. “De vrijblijvendheid is er nu echt van af, maar in veel gevallen krijgen overheden het niet voor elkaar”, aldus Beenen.

Onder andere CoronaTest.nl, waar mensen een coronatest kunnen aanvragen, voldoet niet aan de toegankelijkheidseisen. Ook het doen van aangifte bij de politie is niet goed geregeld.




“Ik bén geen beperking, ik héb een beperking”

Rachel (33) werd te vroeg geboren en heeft de eerste weken van haar leven aan de beademing gelegen. Hierdoor zijn haar longblaasjes beschadigd. Op latere leeftijd is door onbekende oorzaak haar middenrif verlamd geraakt. Dit, haar ernstige astma én een zeldzame aandoening maken dat ze dagelijks zuurstof en sondevoeding nodig heeft. Door alle aandoeningen heeft Rachel bovendien maar weinig energie.

Sinds november 2019 woont Rachel zelfstandig in Ermelo en regelt ze haar hulp zelf via haar PGB. “Het is fijn om de regie over mijn leven te hebben, dat ik niet meer afhankelijk ben van de planning van bijvoorbeeld de thuiszorg.” Elke ochtend wordt ze geholpen bij het opstaan, bij het douchen, wassen, aankleden en het huishouden.

“Rond half 11 gaat de hulp weg en plof ik met een kop koffie op de bank en daar zit ik dan, zeg maar, de rest van de dag. Totdat de hulp ’s avonds weer komt om mij klaar te maken om naar bed te gaan.”

“Wat mensen vaak niet weten is dat je met een beperking letterlijk veel tijd en energie kwijt bent aan doktersafspraken, ziekenhuisbezoeken en andere zorg. Soms zit ik wel 3 á 4 keer per week in het ziekenhuis. Daar heeft de coronacrisis wel verandering in gebracht. Ineens kon er veel meer digitaal. Ik spreek mijn artsen via beeldbellen en bepaalde behandelingen kan ik met instructies zelf thuis doen. Als je zo weinig energie hebt als ik, scheelt dat enorm.”

Nu het voor de meeste Nederlanders weer wat veiliger en gezelliger wordt, wordt dat van mij juist gevaarlijker en eenzamer. Dat is ook wel meteen het enige positieve aan het ‘nieuwe normaal’. “Ik kan deze energie niet gebruiken voor leuke dingen, want ik ben de kwetsbare doelgroep, ook al ben ik niet bejaard. Naar buiten gaan, vrienden opzoeken, vrijwilligerswerk doen, samenzijn… Alle dingen waar ik blij van word, zijn voor mij nu extra riskant. De kans dat ik besmet raak is net zo groot als voor iedereen, maar het verloop van de ziekte zal veel ernstiger zijn. Met hoogstwaarschijnlijk de dood tot gevolg. Nu de regels versoepeld zijn en het leven voor de meeste Nederlanders weer wat veiliger en gezelliger wordt, wordt dat van mij juist gevaarlijker en eenzamer.”

(Bron en volledig artikel Handicap.nl)




Versoepeling thuiswerken voor mensen met een beperking

Nu het overheidsadvies vanwege corona is om zoveel mogelijk thuis te werken, is de uitvoering rondom voorzieningen voor de thuiswerkplek verruimd. En dat is goed nieuws voor mensen met een functionele beperking en afhankelijk zijn van een voorziening om hun werk te kunnen doen. Je kan een vergoeding aanvragen bij het UWV, stelt Ieder(in), netwerk voor mensen met een chronische ziekte en een beperking.

UWV kent voorzieningen toe voor ondersteuning op de werkplek wanneer er sprake is van een structureel functionele beperking. Dit is een ziekte of handicap die belemmert bij het werk. Samen met de klant kijken we welke voorziening nodig is. De afgelopen periode krijgt UWV steeds vaker vragen over voorzieningen voor de thuiswerkplek. In dat geval kijken we ook samen met de klant naar de mogelijkheden om thuis goed te kunnen werken. De voorzieningen die de klant al op de werkplek heeft, kunnen soms naar de thuiswerkplek worden verplaatst. Als dit niet het geval is, kan de klant een aanvraag doen voor een tweede voorziening, zoals bijvoorbeeld een extra brailleleesregel die te kwetsbaar is om mee te nemen. Werkplekaanpassingen die iedereen nodig heeft, vallen onder de arbo-verantwoordelijkheid van de werkgever.

Vanwege het advies om zoveel mogelijk thuis te werken en ervoor te zorgen dat mensen goed hun werk kunnen blijven doen, komen mensen nu eerder in aanmerking voor een voorziening voor de thuiswerkplek. Voorheen kon dit alleen wanneer er een individuele medische noodzaak was om thuis te werken. De opgedane ervaringen met verruimde inzet van voorzieningen tijdens corona zal UWV in overleg met het ministerie van SZW benutten voor ondersteuning van thuiswerken in de toekomst.

(Bron: Ieder(in))




‘Toegankelijkheid in huidige samenleving staat onder druk’

Het College voor de Rechten van de Mens vindt dat Nederland niet genoeg aandacht besteedt aan de rechten van mensen met een beperking tijdens de coronacrisis. In de huidige coronaprotocollen  ontbreekt de toegankelijkheid voor mensen met een beperking, waardoor meedoen in de huidige maatschappij wordt bemoeilijkt. Dit meldt het Parool.

Coronaprotocollen schrijven bijvoorbeeld voor dat winkelende Nederlanders verplicht een mandje of winkelwagen mee naar binnen nemen. Maar iemand zonder armen kan dat niet. De verplichte looproute in winkels die met stickers wordt aangegeven, is niet gemaakt voor blinden. Plexiglas dat tussen shoppers en kassamedewerkers staat, houdt geluid tegen waardoor slechthorenden het lastig hebben bij de kassa. Het meldpunt Goed Toegankelijk van het College voor de Rechten van de Mens heeft 147 van dergelijke meldingen ontvangen van mensen met een beperking.

(Bron en volledig artikel Het Parool)




Vooral bij mensen die een chronische ziekte én een lichamelijke beperking hebben is de gezondheid achteruitgegaan door corona

De meerderheid van de mensen met een chronische ziekte heeft geen veranderingen in gezondheid opgemerkt door de coronacrisis. Bij 14% is de gezondheid wél verslechterd. Dit zijn vooral mensen die naast of door hun chronische ziekte een matige of ernstige lichamelijke beperking hebben. 

Het aantal mensen met een chronische ziekte dat positief getest is op een besmetting met COVID-19 en hiervoor is opgenomen in het ziekenhuis, is klein. Toch ervaren velen negatieve gevoelens door de coronacrisis en maken zij zich veel zorgen, vooral over hun lichamelijke gezondheid en die van hun familieleden.

Meer weten over de gevolgen voor de mentale en lichamelijke gezondheid, de gevolgen voor professionele behandeling en ondersteuning en de gevolgen voor zelfmanagement? Open de gehele publicatie.

De data zijn afkomstig uit vragenlijstonderzoek onder leden van het Nationaal Panel Chronisch zieken en Gehandicapten van het Nivel. Tussen eind april en begin juni 2020 hebben 1.134 mensen met een chronische ziekte een vragenlijst ingevuld over de gevolgen van de coronapandemie.

(Bron Nivel)




‘Half miljoen zieken zijn door corona nog steeds aan huis gekluisterd’

Door de versoepelingen van vorige maand en begin deze maand kunnen we weer naar de bioscoop, het terras en vaker naar het werk. Maar een half miljoen Nederlanders met gezondheidsproblemen leeft nog steeds geïsoleerd, schat belangenorganisatie Ieder(in). Zij lopen een hoger risico en durven niet naar buiten.

Foto door Marcus Aurelius via Pexels

“Terwijl de rest geniet van de versoepelingen, zitten veel chronisch zieken en mensen met een beperking zelf vaak nog midden in de coronacrisis”, zegt Iederin-directeur Illya Soffer. “Zij weten dat als zij covid krijgen, hen dat vrijwel zeker fataal wordt.”

Veel mensen die ondanks hun beperking voorheen nog prima mee konden doen in de maatschappij, durven nu niet naar werk, de supermarkt of het ziekenhuis vanwege drukte op die plekken, zegt Soffer. “Door de versoepelingen is het er voor hen alleen maar angstiger op geworden. Ze leven heel geïsoleerd.”

Dat geldt zeker voor Patricia van Corven. Ze heeft leukemie, COPD en longkanker. Een corona-infectie zou haar snel fataal kunnen worden. “Vanaf het begin van corona ben ik netjes binnen gebleven en heb ik ook mijn kinderen en kleinkinderen niet meer gezien. M’n kinderen zeiden: als wij jou zouden aansteken, dat zou verschrikkelijk zijn.”

Ook spierziekte-patiënt Rivka Smit komt nauwelijks nog buiten. Al sinds maart gaat ze niet naar haar werk. Ze krijgt “heel beperkt” vrienden en familie op bezoek. “Ik kan wel zeggen dat het leven stukken saaier en geïsoleerder is dan voorheen. En als je hoort dat de besmettingen weer toenemen, wordt mijn angst weer groter.”

Als ze wel naar buiten gaat, voelt ze zich niet helemaal veilig. “Ik heb de indruk dat er geen 1,5 meter-samenleving meer bestaat.”

(Bron en volledig artikel NOS)




Mensen met beperking sport ontzegd door wirwar aan regels

Tienduizenden Nederlanders met een fysieke beperking kunnen niet sporten omdat zij de benodigde hulpmiddelen niet krijgen. Zorgverzekeraars weigeren dure hulpmiddelen te vergoeden en wijzen hiervoor naar de gemeente, die op haar beurt diezelfde aanvraag afwijst omdat het hulpmiddel te duur zou zijn of niet onder de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) valt. Dit meldt Trouw. 

Foto door RUN 4 FFWPU via Pexels

Volgens Kenniscentrum Sport & Bewegen dat hiernaar onderzoek deed, hebben veel mensen met een beperking moeite met het krijgen van een rolstoel voor rolstoelbasketbal, handbikes, ligfietsen, rolgoten of aangepaste zadels. Deze hulpmiddelen kosten vaak meer dan 10.000 euro en dat is ook meteen de reden waarom gemeenten liever hebben dat zorgverzekeraars hun vingers daaraan branden. Het is te duur of valt zogenaamd niet onder de Wmo. “Door de overschrijdingen op de Wmo en bezuinigingen zijn gemeenten nog strenger geworden”, zegt Lonneke Schrijvens van het kenniscentrum.

Heeft een sporter een prothese nodig, dan vergoeden zorgverzekeraars deze vaak niet. Ondanks dat de sportprothese wel onder de Zorgverzekeringswet (Zvw) valt. Schrijvens noemt de redenen waarom verzekeraars aanvragen afwijzen heel divers “en zelden in overeenstemming met de wet”. Ze doen er geen onderzoek naar en vinden dergelijke hulpmiddelen te prijzig om te vergoeden en doen dat dan ook niet.

(Bron en volledig artikel Nationale Zorggids)